Sitech Services en ERIKS sluiten meerjarig VMI-contract

Vendor Managed Inventory (VMI) is een methode om grijpvoorraden van spare parts op een efficiënte manier te beheren op fabrieksterreinen. Onderdelen voor onderhoud aan installaties zijn dicht bij de monteurs beschikbaar en in de juiste hoeveelheid voorradig.

 

Sitech Services heeft ERIKS als partner verkozen om in de komende jaren 10 VMI-locaties op de Chemelot site in Geleen te gaan beheren. Deze samenwerking maakt onderdeel uit van een nieuw integraal logistiek concept van Sitech Services op het hele Chemelot terrein. ERIKS is verkozen op basis specialistische kennis en ervaring in de procesindustrie en haar custom made Supply Chain Solutions zoals VMI en turnaround support aangevuld met het probleemoplossend vermogen van het projectteam. ERIKS zet een eigen implementatieteam met diverse product- en logistiekspecialisten in om de inrichting van de grijpvoorraadmagazijnen met contractitems te realiseren.

“Het VMI-concept en de producten van ERIKS sluiten perfect aan op onze ambities om als integrator naar een next level in onze dienstverlening te groeien.” aldus Edgar Beers, Sourcing en Supply Chain Director bij Sitech Services.

 

“Voor ERIKS is het VMI-contract met Sitech een bekroning op de jarenlange intensieve samenwerking tussen beide bedrijven op het Chemelot terrein. Hiermee komt het totaal aantal VMI-locaties bij industriële afnemers voor ERIKS op 360 locaties in Nederland.” volgens Sofie Cammers, Managing Director ERIKS Nederland.


Bouw nieuw distributiecentrum Sligro in Veghel van start

Onlangs is de eerste paal van het nieuwe distributiecentrum van de Sligro Food Group in Veghel de grond in gegaan. Het huidige distributiecentrum van de Sligro op bedrijventerrein Doornhoek omvat 52.000 vierkante meter. Daar komt 12.000 vierkante meter bij. Met de nieuwe hal is een investering van circa 10 miljoen euro gemoeid.

De dagelijkse bevoorrading van alle Nederlandse vestigingen van Sligro gebeurt vanuit Veghel. In het nieuwe deel van het centrum komt een vriescel en een koelcel. Op het dak worden ruim 6000 zonnepanelen geplaatst, die energie zullen leveren voor de koelinstallaties en de verlichting. De verwachting is dat het het bedrijf de uitbreiding in februari 2022 in gebruik kan nemen.


De nieuwe Boston Dynamics robot is gemaakt voor magazijnen

Na jaren te kunnen hebben spelen en R&D te kunnen uitvoeren met geld van investeerders, is het nu voor Boston Dynamics tijd geworden om daadwerkelijk geld te gaan verdienen. De onlangs geïntroduceerde Stretch robot lijkt daar een uitstekend middel voor te zijn: het is een apparaat dat specifiek ontwikkeld is voor de enorme hoeveelheden magazijnen die momenteel als paddenstoelen uit de grond schieten.

Alle producten die door webwinkels worden verkochten moeten immers worden binnengebracht, opgestapeld, ingepakt en verzonden. Stretch is zeer goed in het uitvoeren van dergelijke repetitieve taken, waar je als magazijnmedewerker op een gegeven moment helemaal klaar mee bent. Een prijs voor de robot is nog niet bekend gemaakt, maar je kunt natuurlijk altijd even contact opnemen met de sales-afdeling.


Bedrijf zuiniger met opslag- en transportmiddelen

De crisis heeft een positieve invloed op duurzaamheid bij de aanschaf van opslag- en transportmiddelen. Dat blijkt uit onderzoek van Kruizinga onder bedrijven met veel opslag- en goederenbewegingen. “Er wordt niet meer vanzelfsprekend besteld”, zegt Boris Vildósola Bustos, managing director van Kruizinga.nl. “Het lijkt erop dat de deelnemers aan het onderzoek niet alleen kostenbewuster maar ook duurzamer zijn gaan inkopen en dat materieel langer en anders ingezet wordt. Dat is goed nieuws.”

 

Ruim zeventig procent van de ondervraagden geeft aan dat eerst naar de kwaliteit gekeken wordt bij de aanschaf van opslag- en transportmiddelen. Dit wordt direct gevolgd door de noodzaak om iets aan te schaffen. Prijs en levertijd staan gedeeld op een tweede plaats met bijna vijftig procent. Daarnaast blijkt dat er bewuster met de middelen omgegaan wordt. Pallets worden bijvoorbeeld door een kwart vaker hergebruikt en rolcontainers worden ook als opslagmiddel ingezet.

Toename huur

“Huren van middelen kan een tijdelijke behoefte direct invullen”, zegt Vildósola Bustos, “Je gebruikt ze zolang ze nodig zijn, waarna ze weer bij een ander bedrijf een nuttige rol gaan vervullen. Dat scheelt geld en er blijven geen onnodige middelen in de weg staan. Uit het onderzoek blijkt dan ook dat huur toeneemt. Evenals het kopen van gebruikte middelen. Die zijn net zo goed als nieuwe, doen precies waar ze voor gemaakt zijn, maar zijn een stuk goedkoper. Bovendien wordt zo de levensduur van het product verlengd. En dat is uit het oogpunt van duurzaamheid heel belangrijk.”

 

Top vijf

En als het dan toch noodzakelijk is om opslag- en transportmiddelen aan te schaffen, dan blijken vooral de volgende middelen populair te zijn; stellingen, kasten, pallets, magazijnbakken en containers. Volgens Vildósola Bustos heeft dat alles te maken met het feit dat tijdens de coronacrisis veel magazijnen opnieuw zijn ingericht. Werkwijzen en routing zijn aangepast en bijna een kwart van de ondervraagden geeft aan dat de opslagcapaciteit van het magazijn is vergroot.

 

Met dank aan Metaalmagazine


Hoe Artificiële Intelligentie de Supply Chain kan verbeteren

Artificiële intelligentie (AI) maakt het op termijn mogelijk om zelfsturende supply chains te creëren. Een dergelijke transitie kan alleen succesvol zijn als alle betrokkenen ook voldoende vertrouwen hebben in de gebruikte AI-modellen. Een andere conclusie is dat optimalisatie van de huidige supply chains niet voldoende is om de grote uitdagingen van de toekomst op te lossen. Daarvoor zijn radicale vernieuwingen nodig, zoals Disney en Transiticoalitie Voedsel laten zien.

 

In supply chains komt steeds meer data beschikbaar, maar in de praktijk wordt daarvan maar beperkt gebruik gemaakt. Hoe kunnen we AI en machine learning inzetten om op basis van data een effectievere en efficiëntere supply chain te realiseren? Daar gaan adviseurs Lennart Bootsman en Dennis Timmers van Mobiquity op in.

Machine learning

Wat er zo bijzonder is aan AI en machine learning, introduceert Bootsman met een eenvoudig voorbeeld: het berekenen van de oppervlakte van een figuur. Daarvoor is input nodig – de lengte en breedte van de figuur – en een algoritme, in dit geval een eenvoudige rekenformule. “Hiermee zouden we normaal gesproken een stukje software programmeren dat de output levert: de oppervlakte. Machine learning werkt totaal anders. Daarbij trainen we de computer (of liever gezegd het neurale netwerk) door heel veel combinaties van input en output in te voeren, zodat de computer ‘leert’ welke input tot welke output leidt.”

 

Het ‘rekenmodel’ dat op deze manier ontstaat, kan vervolgens worden gebruikt in nieuwe situaties. Op basis van nieuwe input-data kan het model met een grote mate van nauwkeurigheid de output voorspellen zonder dat de formule bekend hoeft te zijn. Dit heeft vooral nut in complexe situaties met heel veel factoren (parameters) waarvan de samenhang niet eenduidig vast te stellen is, waardoor formules tekortschieten. Kortom, in situaties die in heel veel supply chains voorkomen. “In zulke omstandigheden levert AI veel betere voorspellingen op met een grotere nauwkeurigheid dan bij toepassing van bestaande technieken. Op basis van die voorspellingen kunnen supply chain professionals betere beslissingen nemen”, vertelt Bootsman.

 

Explainable AI

Het gevaar is dat er AI-modellen ontstaan die niemand nog begrijpt; in dat geval ontstaat  een grote black box. Hoe kunnen we dan op die modellen vertrouwen? Hoe weten we dan of ze goed werken, ook als ze worden toegepast in een situatie die het model nog niet eerder heeft gezien? Om daar een antwoord op te geven, introduceert Mobiquity het begrip ‘explainable AI’. Door gebruik van datatechnieken kan je aan betrokkenen laten zien hoe het model tot zijn beslissingen komt. “Dat is noodzakelijk om vertrouwen te krijgen in het model, maar ook om de risico’s juist in te schatten. Als iets fout gaat, moeten we de oorzaak daarvan kunnen achterhalen om herhaling te voorkomen”, vertelt Timmers.

 

Hij illustreert dit met een voorbeeld van Google. Dit techbedrijf zet machine learning in voor beeldherkenning. Op basis van een groot aantal foto’s van kano’s leert het model kano’s herkennen. “Maar welke beeldelementen zorgen voor die herkenning? Dat blijkt vooral de peddel te zijn. Eigenlijk heeft Google geen kanodetector, maar een kanopeddeldetector gebouwd”, zegt Timmers. “De enige oplossing om deze fout te herstellen is het model heel veel foto’s laten zien van kano’s zonder peddel.”

 

Menselijke intelligentie

Mobiquity ziet grote mogelijkheden voor toepassing van AI in supply chain. Nu is het al mogelijk om planners en operators met AI te ondersteunen: het AI-model geeft suggesties en de planner beslist. Op langere termijn zou AI ook die rol over kunnen nemen. Dan ontstaan zelfsturende fabrieken en warehouses en mogelijk zelfsturende supply chains, aldus Timmers. “Maar we moeten kritisch blijven op de AI-modellen. Ook in een zelfsturende supply chain hebben we mensen nodig, onder andere om alle modellen te monitoren. Voordat het zover is, zijn we tien jaar verder.”

 

Backcasting

Bij het kijken naar digitalisering zijn er twee perspectieven, die beide verkend worden door de SCELP-werkgroep Digitalisering die bestaat uit Edwin van den Meerendonk (Disney), Marc Moerkerken, Marc Vogels (Enza Zaden), Irke-Marjen Wiersma (Samsung) en Maurice Keuch (Mustad). Het eerste perspectief betreft de blik vanuit het heden naar de toekomst oftewel forecasting. Dat gaat over optimaliseren: hetzelfde doen maar dan beter, bijvoorbeeld door inzet van AI.  De vraag is of we daarmee de grote problemen in de wereld kunnen oplossen, zoals het duurzaam voeden van meer dan 10 miljard mensen in 2050. Dat vraagt om backcasting: Wat is het einddoel dat we willen bereiken? Welke digitale technologieën kunnen we daarvoor inzetten? Dat is het tweede perspectief.

 

Volgens medeoprichter Willem Lageweg van de Transitiecoalitie Voedsel, uitgenodigd door SCELP, is forecasting ongeschikt om het voedselprobleem op te lossen. Sterker nog: optimaliseren werkt zelfs averechts. Nog meer inzetten op de huidige vorm van automatisering leidt tot nog meer schaalvergroting en schadelijke effecten voor maatschappij en milieu. Wat we nodig hebben is een ander perspectief. “We hebben met een groep van ruim honderd betrokkenen uit verschillende sectoren en disciplines allereerst de vraag proberen te beantwoorden hoe toekomstbestendige landbouw eruitziet. Alleen dat al leidde tot vijf verschillende toekomstbeelden. In de meeste daarvan speelt digitale technologie een belangrijke rol, maar niet in elk toekomstbeeld. Technologie kan bijvoorbeeld helpen om ieder mens een gepersonaliseerd dieet voor te schotelen, of om heel gericht met drones en robots elke individuele plant de optimale behandeling te geven.”

Streamingdienst

Edwin van den Meerendonk, vice president European supply chain bij de Walt Disney Company en SCELP-lid van het eerste uur, liet zien hoe zo’n toekomstvisie ook kan bijdragen aan het succes van een individueel bedrijf en wat dat betekent voor de organisatie. Hij vertelt hoe Walt Disney tot het besluit kwam om de concurrentie met Netflix aan te gaan en een eigen streamingsdienst op te zetten: Disney+. “Omdat steeds meer mensen het contract met kabelmaatschappijen opzeggen, dreigden we het contact met de consumenten kwijt te raken. Dat contact is belangrijk vanwege onze consumentenproducten en themaparken.”

 

Dit besluit heeft een enorme impact op de organisatie. “Met Disney+ veranderen we van een B2B- in een B2C-bedrijf. We deden alleen zaken met kabelmaatschappijen, bioscoopexploitanten en retailers, nu met miljoenen consumenten. Dat heeft gevolgen voor onze infrastructuur, voor onze organisatie, voor alles. We hadden een traditionele organisatiestructuur met silo’s, maar die hebben we omgegooid. Een organisatie die is opgedeeld in silo’s, staat een grootschalige transitie in de weg.”

 

Volgens Prof.dr. Jack van der Veen laat het voorbeeld van Disney zien dat we beide perspectieven moeten hanteren: forecasting én backcasting. “De huidige business van Disney verander je niet van de een op de andere dag. Die moet je blijven verbeteren. Tegelijkertijd zijn soms radicale veranderingen nodig om het gedroomde toekomstbeeld te realiseren. De kunst is om het nieuwe de ruimte te geven zonder dat te laten frustreren door de beperkingen van het oude. En om het oude te behouden zolang het nieuwe zich nog niet heeft bewezen.”


Smart tools voor onderhoud in de procestechnologie

Asset owners in de procesindustrie willen hun installaties zo betrouwbaar mogelijk en tegen zo laag mogelijke kosten draaiende houden. Inspectie en onderhoud zijn hierbij onvermijdelijk, maar de regels op het vlak van veiligheid en milieu worden steeds strenger. Om deze uitdagingen te tackelen, ging het Nederlandse KicMPi de voorbije vijf jaren binnen het 'Smart Tooling'-project op zoek naar innovatieve oplossingen met drones, robotica en smart glasses. Met het afronden van dit Vlaams-Nederlandse Interreg-project zijn nu ook de resultaten binnen de verschillende deelprojecten bekend.

Het Smart Tooling-project liep van begin 2016 tot eind 2020. Het was een Vlaams-Nederlands Interreg-project, met Europese subsidies om de ontwikkeling van innovaties te ondersteunen. Het Nederlandse KicMPi (Kennis- en innovatiecentrum Maintenance Procesindustrie) trad hierbij op als projectverantwoordelijke, in nauwe samenwerking met kennisinstellingen, ontwikkelings-maatschappijen, branche-organisaties, asset owners en natuurlijk ook tal van technologiebedrijven uit beide regio's.

 

Er werden acht deelprojecten opgezet, onderverdeeld in vier clusters. 

-   Drones voor inspectie (wanddiktemeting met een drone in een besloten ruimte van     bijvoorbeeld een industriele tank)

-      Inspectierobots (volautomatische inspectie in leidingen)

-      Werkplaatsrobotica (ondersteuning op afstand met smart glasses)

-      Cleaningrobot (voor het te reinigen en inspecteren van besloten ruimten)

 

De algemene doelstelling van deze nieuwe of doorontwikkelde 'smart tools' is om onderhoudspersoneel in de procesindustrie in staat stellen om hun werkzaamheden veiliger en efficiënter, of dus 'slimmer' uit te voeren ten opzichte van de huidige werksituaties. De uiteindelijke projectresultaten varieerden van werkende prototypes tot innovatieve werkmethoden. Die werden op 19 november 2020 voorgesteld en becommentarieerd tijdens een online slotevent. Na de videodemonstraties van elk deelproject hielden Jan Mol (projectmanager Smart Tooling) en Pieter Raes (algemeen directeur KicMPi) telkens een diepte-interview met de betrokken projectpartners over het belang, de mogelijke toepassing en eventuele vervolgstappen van de voorgestelde innovaties.

Met dank aan collega vereniging NVSM


Albert Heijn: automatisering met een beetje mensenwerk

De ingebruikname van het nieuwe, gemechaniseerde ‘houdbaar-dc’ van Albert Heijn in Zaandam betekende dat er minder mensen in de operatie nodig waren. Behalve het aantal benodigde medewerkers veranderde ook het soort werk door de mechanisatie van het dc. De afgelopen jaren is het bedrijf druk bezig geweest zijn medewerkers voor te bereiden op deze verandering.

Logistiek proces

In het nieuwe logistieke proces in Zaandam gaat het er als volgt aan toe: er komt een vrachtauto aan bij de docks, de chauffeur lost zelf de pallets in een zogenoemd infeedstation. Daar worden de pallets geregistreerd, waarna ze via een lopende band naar het hoogbouwmagazijn high bay gaan. Vervolgens worden ze met grote mechanische kranen in de stellingen gezet.

 

Op het moment dat er een winkelbestelling binnenkomt, haalt een kraan zo’n pallet uit de schappen. Vanuit de high bay wordt de pallet naar de defoil area gestuurd, waar een medewerker de producten controleert en het folie verwijdert. Martijn Deurloo, sitemanager bij Albert Heijn: “Dit gebeurt niet geautomatiseerd. Een AH-medewerker begeleidt dit proces en voert daarbij ook direct een controle uit.” Daarna gaat de pallet met een lift naar een ruimte waar deze afgestapeld wordt en de colli in trays worden gezet. “Dat afstapelen, laag voor laag, kan gemechaniseerd of handmatig gebeuren, afhankelijk van het soort product. Sommige producten lenen zich er niet voor om automatisch te worden afgestapeld. Bijvoorbeeld kratten met eieren: die kunnen niet vacuüm worden gezogen.”

 

Vervolgens gaan de trays via een transportband naar een groot opslagmagazijn. Zodra er een winkelorder moet worden samengesteld, ‘roept’ het systeem de trays uit het magazijn. Via een andere transportband komen ze aan bij palletizing. Ook dit op een container stapelen gebeurt soms automatisch en soms met de hand. “En áls het handmatig gebeurt, hoeft de medewerker die producten alleen maar te schuiven, niet te tillen.” Als de container vol is, wordt hij door een AGV naar de expeditieopslag gereden. Daar is het wachten op de vrachtauto die de bestelling komt halen.

 

Natuurlijk verloop

Het hele proces wordt gemonitord vanuit een control room, die wordt bemand door een paar medewerkers. “Het logistieke proces is dus bijna helemaal geautomatiseerd, met op een paar plaatsen medewerkers die een bepaald proces begeleiden of een machine bedienen.” Deze mechanisering betekende vanzelfsprekend dat er minder mensen in de operatie nodig waren, vervolgt Deurloo. “Gelukkig hebben we de afvloeiing helemaal via natuurlijk verloop en herplaatsing kunnen regelen. Er vielen dus geen gedwongen ontslagen.”

 

Behalve het aantal benodigde medewerkers veranderde ook het soort werk door de mechanisatie van het dc. Deurloo vertelt dat zijn collega in Zaandam de afgelopen jaren druk bezig is geweest haar medewerkers voor te bereiden op deze verandering. “Daarbij heeft ze gekeken naar de individuele wensen van haar mensen, dus bijvoorbeeld of ze op de reguliere wijze wilden blijven werken in het vers-dc, of juist een plek wilden krijgen in het gemechaniseerde dc. Nadat dit voor alle medewerkers was vastgesteld, dat was een proces van meer dan een jaar, hebben we veel energie in opleiding gestoken. Met uiteindelijk een goed resultaat: de meeste mensen hebben ook een werkplek gekregen die ze graag wilden.”

 

Innovaties

Ook in de andere dc’s zijn we druk bezig met ontwikkeling en innovatie. Zo werken we al een paar jaar met voice picking oftewel spraakgestuurd orderpicken: medewerkers die door spraakherkenning kunnen ‘praten’ met het warehousemanagement-systeem. Dit levert tijdwinst en dus kostenbesparing op.” Verder werken alle AH-dc’s met meerijdende orderpicktrucks. De orderpicker loopt naast de truck en bestuurt deze met een afstandsbediening. “Daardoor hoeft hij niet steeds op en af te stappen, hoeft hij minder meters af te leggen en minder zwaar te tillen. Ergonomisch verantwoord en goed voor de efficiency.”

 

Algoritmen

Albert Heijn noemt al deze ontwikkelingen smart logistics: slimme oplossingen om het logistieke proces efficiënter te maken, vervolgt Deurloo. “En een die daar zeker ook bij hoort, is de inzet van algoritmen. Met behulp daarvan zorgen we voor een optimale samenstelling van de orders, bijvoorbeeld door het verminderen van af te leggen afstanden en het realiseren van een optimale vulgraad van containers.”

Dag van het Veilige Magazijn 2021

Naast ontwikkeling en innovaties is Albert Heijn een koploper op het gebied van gezond en veilig werken. Begin 2020 werd het DC in Overijssel uitgeroepen tot het veiligste magazijn van Nederland. Op de online Dag van het Veilige Magazijn vertelt sitemanager Martijn Deurloo hoe zo’n veiligheidsaanpak tot stand komt en wat hij doet om medewerkers hierin mee te krijgen. Hij geeft je concrete tips en handvatten om de veiligheid en gezondheid op de werkvloer naar een hoger niveau te brengen.

 

Dit artikel verscheen eerder bij Evofendez


Geautomatiseerde material handling niet aan te slepen

Automatisering van warehouses groeit al jaren sterk en dat gaat voorlopig niet veranderen. De markt voor geautomatiseerde material handling systemen verdubbelt bijna de komende vijf jaar is de verwachting.

 

De material handling markt heeft al jaren geen klagen. Jaar op jaar nemen de omzetten toe. De komende vijf jaar wordt helemaal feest. De omzet gaat bijna verdubbelen de komend vijf jaar. Zo blijkt uit een rapport van het onderzoeksbureau Research and Markets. De wereldwijde Automated Material Handling (AMH) Equipment Market zal naar verwachting groeien van 43,6 miljard dollar in 2021 tot 76,8 miljard dollar in 2026. De groeiende vraag naar geautomatiseerde opslag- en retrieval systemen (ASRS) in de sterk gegroeide e-commerce business door corona is een belangrijk reden voor de toename. Stijgende arbeidskosten, personeelstekort en veiligheid zijn andere belangrijke krachten achter de voorspeld groei.

 

Robots rukken extra hard op

Robots zullen de grootste hap uitmaken van de investeringen de komende jaren, aldus het onderzoeksbureau. Het implementeren van robots verhoogt de efficiëntie en productiviteit van productiebedrijven en magazijnen aanzienlijk. Het gebruik van robots kan de arbeidskosten verlagen, werknemers beschermen tegen verwondingen en een hoog investeringsrendement opleveren.

 

Investeerders investeren fors in robots

Het is dan ook niet raar dat investeerders de laatste tijd fors geld stoppen in robotbedrijven. Berkshire Grey, dat onder meer pickrobots levert aan Amazon haalde afgelopen januari 263 miljoen dollar op. Volgens ceo Tom Wagner wordt het geld gebruikt om buiten de Verenigde Staten marktaandeel te veroveren, overnames te doen en het team uit te breiden.

 

Locus Robotics

Robotspecialist Locus Robotics haalde in februari van dit jaar 150 miljoen dollar aan investeringsgeld op. Het geld is onder meer afkomstig van bestaande investeerders, waaronder Scale Venture Partners en Prologis Ventures, de venture capital-tak van Prologis, een wereldleider in logistiek vastgoed. Locus gebruikt de financiering om mondiaal uit te breiden en om lopend onderzoek en ontwikkeling (R&D) te ondersteunen om zijn robotoplossing voor distributiecentra, genaamd Locus, te laten groeien en verbeteren. Ceva Logistics nam vorig jaar als eerste bedrijf in Europa de Amerikaanse robotoplossing Locus in gebruik. Een cobot die samen met de medewerkers de orders pickt en transporteert naar de expeditie.


EPZ Is Investing Energy In Improving Stock Control For Spare Parts

At the beginning of 2020, Gordian carried out a performance and maturity scan on behalf of EPZ. The aim was to identify possible improvements in the spare parts management of EPZ and the associated logistics processes. Based on this research, EPZ decided in July of that year to start a pilot for EPZ’s “fast” and “medium movers”. Using Gordian’s Spare Parts Management Studio, Gordian calculated the optimal stock parameters for this part of the stock. EPZ will assess the outcome of this intervention in 2021.

Obviously we are very curious about EPZ’s experience and hope that this will lead to a full implementation. Based on our scan, a significant improvement for EPZ in terms of stock value, operational costs and stock availability seems possible. If you don’t get energy from that?

 

The Electricity Produktiemaatschappij Zuid-Nederland (EPZ) is a Dutch electricity producer. EPZ owns the Borssele nuclear power plant and is therefore the largest electricity producer in Zeeland, the Netherlands.


Schiphol test zelfrijdende bagagetrekker

Op Schiphol is een proef gestart met een autonome bagagetrekker die bagage naar het vliegtuig op het platform gaat brengen. De proef heeft als doel te leren of deze techniek veilig en efficiënt is en hoe zelfrijdende voertuigen te integreren zijn met het andere verkeer op de luchthaven. De proef, die duurt tot het eind van de maand, wordt uitgevoerd in samenwerking met KLM Ground Services en Smart Airport Systems.

De proef start in een afgebakend gebied waarbij het bagageproces wordt gesimuleerd. In de tweede fase wordt de proef in een operationele omgeving voortgezet om bagage naar het vliegtuig te brengen. Het zelfrijdende voertuig wordt in het bagagegebied beladen, waarna het via een vaste route navigeert naar een vliegtuigopstelplaats. Tijdens alle proeven met de bagagetrekker zit er een veiligheidsoperator in het autonome voertuig, om indien nodig het voertuig stop te zetten. Het zelfrijdende voertuig is gemaakt door grond-afhandelingsmateriaal leverancier TLD, EasyMile levert de autonome software.

 

Op luchthavens Rotterdam The Hague Airport en Eindhoven Airport worden dit voorjaar proeven ook gedaan met autonome bagagetrekkers. Daar testen de luchthavens deze techniek samen met Vanderlande.


Bijenkorf-DC in Tilburg live met pocket sorter van Vanderlande

Het vergde enige aanlooptijd, maar de pocket sorter in het omnichannel distributiecentrum van de Bijenkorf in Tilburg is nu officieel volledig operationeel. Het systeem, dat Vanderlande installeerde, ondersteunt het warenhuisconcern bij het versneld verwerken van business-to-consumer bestellingen; business-to-business bestellingen met ‘fast movers’ en e-commerce-retouren.

 

Bijenkorf-DC in Tilburg live met pocket sorter van Vanderlande 

Vorig jaar augustus nam De Bijenkorf samen met logistiek dienstverlener Ingram Micro het nieuwe omnichannel distributiecentrum in Tilburg in gebruik. Destijds werd al aangekondigd dat de warenhuisketen op het punt stond om te starten met de installatie van een pocket sorter systeem in de magazijnoperatie, waarover Ingram Micro de scepter zwaait.

Grootste pocket sorter in Nederland

Vanderlande heeft het afgelopen jaar uitgetrokken voor de installatie van dit systeem, de Airtrax Pocket. De system integrator laat weten dat dit het eerste grootschalige pocket sorter systeem in zijn soort is voor Nederland. De omni-channel oplossing is nu volledig operationeel. De sorter beschikt over een sorteercapaciteit van 8.000 artikelen per uur en kan zowel e-commerce, multi-item als retailorders verwerken.

 

Capaciteit van 48.000 zakken

De pocket sorter in het DC van de Bijenkorf beschikt over in totaal 48.000 zakken. Met dit systeem kan Ingram Micro in Tilburg voor de Bijenkorf ongeveer 95 procent van haar 210.000 SKU’s afhandelen.

 

Bijenkorf: warehouse activiteiten op één locatie

De investering in dit material handling systeem vloeit voor uit het feit dat de Bijenkorf – na een reorganisatie – een aantal jaren geleden besloot om al zijn warehouse-activteiten op een centrale locatie onder te brengen in Tilburg. Dit DC van 32.000 vierkante meter is de spil in de omnichannel strategie van de Bijenkorf.  Wat inhoudt dat vanuit Tilburg niet alleen de zeven warenhuizen in Nederland worden bevoorraad, maar ook de online bestellingen van consumenten uit Duitsland, Luxemburg, België, Frankrijk en Oostenrijk.

 

Verkorten doorloop- en transporttijden

Maxim Hurkmans, Business Unit Director van Ingram Micro, heeft hoge verwachtingen van de pocket sorter: “We wisten dat de oplossing een integraal onderdeel zou worden van ons omnichannel magazijn vanwege het vermogen om doorloop- en transporttijden te verkorten en onze voorraadverwerking te verbeteren.”


Toegevoegde waarde logistiek vastgoed naar bijna 31 miljard euro

De toegevoegde waarde van de logistieke vastgoedsector is de afgelopen vijf jaar enorm gegroeid. De landschappelijke impact is daarentegen zeer beperkt. Zelfs in logistieke hotspots als Venlo bedraagt het grondgebruik van logistiek vastgoed maar 2,3 procent.

Tegenwicht in verdozingdiscussie

Met het onderzoek van Buck wil Prologis naar eigen zeggen ‘een op feiten gebaseerd debat als tegenwicht tegen de huidige op aannames en op emotie gestoelde discussie‘. Tot grote onvrede van de logistiek vastgoedsector bestempelden de drie Rijksadviseurs in het College van Rijksadviseurs in een adviesrapport logistiek vorig jaar als een niet-duurzame sector zonder toegevoegde waarde, waar dozenschuivers het landschap vervuilen, verkeerscongestie veroorzaken en laagopgeleide arbeidsmigranten onder slechte omstandigheden moeten werken.

 

Impact op het landschap

De feiten die René Buck in zijn marktonderzoek boven tafel kreeg, wijzen grotendeels anders uit. “Het klopt niet dat dc’s als paddenstoelen de grond uit schieten. Het aantal mega-dc’s is tussen 2015 en 2020 weliswaar verdubbeld van dertig naar zestig. Maar slechts één op de vier XXL-distributiecentra landt in Nederland, de rest komt in Duitsland en België terecht”, beweerde Buck vorige week tijdens de paneldiscussie waar ook Dirk Sosef, Vice President Research and Strategy, Sander Breugelmans, Regional Head Northern Europe van Prologis en Ronald Bakker, wethouder sociale en economische zaken van de gemeente Waalwijk.

 

Ruimtelijke impact beperkt

Volgens Buck bedraagt het grondgebruik van al het logistieke vastgoed bovendien slechts 0,13 procent van de totale oppervlakte van Nederland. “Zelfs in logistieke hotspots is de ruimtelijke impact beperkt met een ruimtelijk beslag van 2,3 procent in Venlo, 2,1 procent in Tilburg en 1 procent in Waalwijk en Rotterdam. Van de 32 XXL-distributiecentra heeft 62 procent geen of een beperkte landschappelijke impact.”

 

Dc’s steeds duurzamer

Negen mega-distributiecentra zijn stand-alone en drie zijn niet goed ingepast. De overige twintig, zo stelt Buck, zijn gebouwd op bestaande bedrijvenparken, langs snelwegen of op brownfield-locaties. Logistiek vastgoed wordt bovendien steeds duurzamer. Kreeg drie jaar geleden nog maar 20 procent van de nieuwbouw een Breeam-certificaat, dit jaar geldt dat voor 49 procent.” De economische baten van logistiek zijn ook niet mis, becijferde Buck. “De toegevoegde economische waarde van Nederlandse distributiecentra bedroeg vijf jaar geleden 21,2 miljard euro. Dit jaar komt dat uit op 30,8 miljard, een groei van 46 procent. Ook zijn voor het eerst meer dan 400.000 banen gerelateerd aan logistiek vastgoed.”

 

Groei in wo-afgestudeerden

Uit het onderzoek blijkt verder dat de hele logistieke sector werk biedt aan 886.000 mensen tegen 824.000 in 2015. “Het klopt niet dat de sector alleen maar werk biedt aan laagopgeleiden. Elke jaar studeren 4.000 studenten aan een hogeschool of universiteit af in een logistiek gerelateerde opleiding. Zo bedroeg het aantal wo-afgestudeerden in 2015 1.308 tegen 1.109 in 2009, een groei van 18 procent.”

 

‘Geen halleluja rapport’

Natuurlijk zijn er ook verbeterpunten volgens Buck zoals de overlast van het vrachtverkeer. “Dat probleem kan met een betere logistieke planning worden ingedamd. Ook is een betere huisvesting van arbeidsmigranten gewenst. Dit is geen halleluja-rapport voor de sector, maar zijn gewoon de feiten.”

 

Bron: Logistiek Nederland


Logistieke veranderingen vragen om Gemba Process Innovation

Veranderend koopgedrag en digitalisering vragen om Gemba Process Innovation in de logistieke sector, stelt Panasonic. Om die reden introduceert het bedrijf dit concept in Europa. Aspecten als Deap Learning en IoT-sensortechnologieën spelen er een belangrijke rol bij.

 

Gemba Process Innovation is volgens de leverancier bij uitstek geschikt voor de logistieke sector, de productiesector én de detailhandel. “De druk van buitenaf die het bedrijfsleven in heel Europa voelt, is nog nooit zo groot geweest”, aldus Hiroyuki Nishiuma. Nishiuma is de nieuwe directeur van Panasonic System Communications Company Europe (PSCEU). “Voorbeelden hiervan zijn veranderende koopgewoonten van consumenten, een toenemend milieu- en ethisch bewustzijn en een vergrijzende bevolking die het arbeidspotentieel vermindert.”

Transformeren

Hij stelt dat veel bedrijven bij hun aanpak van deze problemen vertrouwen op de nieuwe golf van technologische innovaties. “Panasonic wil deze bedrijven daarbij ondersteunen, bijvoorbeeld als full-service provider die zich richt op industriële oplossingen die de Gemba – de plaats waar waarde wordt gecreëerd – transformeren.”

 

B2B-concept

Het B2B-concept dat Panasonic heeft ontwikkeld combineert een diepgravend begrip van een organisatie met de nieuwste technologieën om de manier waarop de organisatie werkt te helpen veranderen. Volgens de leverancier combineert het concept kennis van de industrie, hardware, software-engineering en integratievaardigheden. Het doel is om bedrijven op maat gemaakte, geïntegreerde oplossingen te bieden waarmee ze hun organisaties kunnen veranderen. ‘Gemba’ is een Japanse uitdrukking die ‘de fysieke locatie waar waarde wordt gecreëerd’ betekent. In de supply chain is de gemba de plaats waar dingen worden gemaakt, verplaatst of verkocht.

 

Gemba Process Innovation in de logistiek

In Europa heeft Gemba Process Innovation toepassingen in diverse industrieën. In de productie kan het de automatisering versnellen met behulp van technologieën als robotica. In de logistiek kan het de mogelijkheid bieden om goederen te sorteren, te plannen, te volgen en te controleren met behulp van Deep Learning en IoT-sensortechnologieën. In de detailhandel is het bruikbaar om aan de hand van AI– en cameratechnologieën gepersonaliseerde digitale marketing aan te sturen. Daarnaast is het volgens Panasonic geschikt voor het optimaliseren van de productbeschikbaarheid door middel van geautomatiseerd voorraadbeheer. 

Bron: https://www.logistiek.nl


United Retail optimaliseert voorraad met Slim4

United Retail, de grootste vakhandelsorganisatie in consumentenelektronica met bijna 300 ondernemers, professionaliseert haar totale supply chain. De elektronicagigant, met formules Electro World en Witgoed specialist, optimaliseert haar voorraadbeheer en verbetert hierdoor de service naar winkels en consumenten door implementatie van softwareoplossing Slim4.

 

Producenten van elektronica ontwikkelen enorm snel verbeterde technologieën. Producten op de markt vernieuwen in hetzelfde tempo mee, waardoor inkooporganisaties constant moeten schakelen om de voorraad gezond te houden. Vooral in de wereld van elektronica geldt dat als artikelen te lang op de planken liggen ze met de dag minder waard worden.

United Retail investeert daarom in het optimaal voorspellen en plannen van haar voorraad. Susan Kock, Manager Category Management van United Retail voorziet veel voordelen: “Partners en consumenten gaan het verschil direct merken. Een samenstelling van het assortiment met de beste condities, betere leveringen en minder prijsverval in voorraad door een optimale voorraadpositie. Wij streven een optimale logistieke ontzorging na, de kennis en oplossing van Slimstock bieden zekerheid voor de toekomst.”

 

Eric van Staveren, financieel directeur, van United Retail: “Als organisatie waar de belangen van ondernemers voorop staan zijn we in staat om met behulp van Slim4 de voorraad in de keten zo laag mogelijk te houden en tegelijkertijd de beschikbaarheid te verhogen. Deze branche is kapitaalintensief en door de omloopsnelheid zo hoog mogelijk te houden verlagen we daarmee het kapitaalbeslag. Daarnaast vereist de concurrentie in het online kanaal dat de beschikbaarheid optimaal moet zijn. We vinden het als consument immers volstrekt normaal dat je een besteld product de volgende dag bezorgd krijgt. Dit geldt uiteraard ook voor onze winkels en onze webshop. Met Slim4 denken we daarmee belangrijke stappen te zetten.”

 

“Slimstock is als bedrijf een fijne partner met kennis van zaken, een partner die onze business goed begrijpt en waardevolle adviezen geeft. Daarnaast is ook de eigen academy van Slimstock prettig om onze medewerkers verder op te leiden in het managen van de supply chain.”


Senefelder Misset maakt automatiseringsslag

 

Ondanks de coronacrisis is Senefelder Misset momenteel volop aan het investeren in het automatiseren van processen in de Doetinchemse drukkerij. “Door slim te investeren besparen we operationele kosten en kunnen we met een nog beter rendement productie maken.”

 

Download
Automatiseringsslag.pdf
Adobe Acrobat document 868.3 KB

Logistieke performance steeds belangrijker

Birgit Goumans’ carrière leek zich af te gaan spelen in de dienstverlening. Totdat ze op een dag kansen zag in het bedrijf van haar vader, precisiebedrijf Kusters Goumans. Stap voor stap werkt ze nu samen met vader Rob Goumans aan de overname van het Brabantse familiebedrijf. In de nieuwe Metaal Magazine vertelt ze hoe ze dit oppakt.

 

Ze verwacht dat haar achtergrond in de gastvrijheid en dienstverlening goed aansluit op de ontwikkelingen in de toeleveringsindustrie. Zo staat geschreven in Metaalmagazine. De aandacht verschuift in haar ogen van de techniek naar de dienstverlening rondom een product. “Zo wordt bijvoorbeeld de logistieke performance richting de klant steeds belangrijker. Daarvoor geldt dat je moet communiceren.”

‘Van elkaar leren’

“Beide werelden kunnen veel van elkaar leren”, vertelt Birgit Goumans. “Ook in de maakindustrie is het belangrijk om continu te bouwen aan een sterk team van mensen en om te weten wat de klant van ons verwacht. Dat zij in het eerste jaar bij Kusters Goumans een dag in de week in de productie meewerkte, verraadt haar achtergrond. Ze heeft aan de Hotelschool Maastricht gestudeerd. “Het eerste jaar begin je met afwassen in de keuken.” Bij het precisiebedrijf heeft ze het eerste jaar regelmatig aan een CNC-freesmachine gestaan.

 

‘Ervaring op werkvloer’

Ervaring opgedaan op de werkvloer noemt ze heel waardevol. “Ik kan nog steeds niet zelfstandig een CNC-freesmachine instellen. Maar ik weet wel wat het betekent als je een serie van 50 stuks moet maken. De concentratie die nodig is om ervoor te zorgen dat het vijftigste product net zo goed is als het eerste.”

 

De ervaring sterkt haar ook in de gesprekken met klanten. “Ik kan beter inschatten hoe wij onze klanten kunnen helpen.”


Is artificial intelligence de weg vooruit?

Smart factory, met de inzet van artificial intelligence (AI) en machine learing (ML), is de toekomst. Toch moeten bedrijven zich af durven vragen of AI voor hen wel de weg vooruit is. Dat stelt Ralf Kruse, directeur Datatechniek bij Remmert aan Metaal Magazine.

 

Zo kunnen bedrijven namelijk, volgens hem, veel tijd investeren in het implementeren en aanleren van een tool op basis van AI of ML, terwijl de beslissingen die zo’n systeem heeft genomen soms moeilijk te begrijpen zijn. De meerwaarde van AI en ML kan dan ook variëren per toepassing. Daarom moet van geval tot geval worden afgewogen en beoordeeld wat de meerwaarde is of kan worden.

Om bedrijven op weg te helpen naar de smart factory en hierin de juiste keuzes te maken, onderscheidt Kruse 3 focuspunten.

 

1. Kijk naar de relatie mens-machine

De automatiseringsgraad van een bedrijf definieert de smart factory van morgen. Veel handelingen kunnen daardoor uitgevoerd worden zonder menselijke tussenkomst. “Maar vergis je niet: werknemers zijn niet overbodig, ze nemen juist nieuwe taken op zich, zoals toezichthoudende activiteiten en interventie.”

 

Dergelijke functies vereisen wel een andere kwalificatiegraad. Zo kan intuïtieve software met bedieningsoppervlak door het personeel worden aangeleerd, waardoor zij bepaalde tools intelligent kunnen besturen en bedienen. In een connected intralogistiek systeem geldt als vuistregel: hoe groter, hoe complexer. De gebruikersinterface van de software moet daarom een begrijpelijk, modulair en transparant ontwerp zijn, vertelt hij.

 

Programmeurs en ontwikkelaars doen er volgens Kruse goed aan te kiezen voor duidelijke en heldere gebruikersinterface, bijvoorbeeld in de vorm van pictogrammen. Deze efficiënte interfaces gaan in zijn ogen zeker een belangrijke rol spelen in Industrie 4.0.

 

2. Combineer bestaande en nieuwe installaties

Om smart factory succesvol in te zetten, is de evolutie van systemen belangrijk. Bestaande en nieuwe systemen moeten naast elkaar en in samenhang gebruikt kunnen worden. “Machines die modulair uitgebreid en gecombineerd kunnen worden, tillen bedrijven naar een hoger niveau. Het gebruik van modulaire automatiseringsoplossingen biedt een enorme flexibiliteit en garantie voor de toekomst voor de gebruikers om op de nogal fluctuerende eisen te kunnen reageren.”

 

3. Versterk creatief zoeken naar toepassingen

De communicatie- en leveringsprocessen tussen machine, fabrikant en klant kosten normaal gesproken heel wat tijd. Met project Adam (autonoom aanpasbare machines) kunnen machines belangrijke veranderingen herkennen en zich autonoom voorbereiden op wijzigingen. “Dergelijke wijzigingen omvatten bijvoorbeeld het aanpassen van de configuratie van een machine of het vervangen van machineonderdelen.”

 

Ook kunnen machines zich zelfstandig aanpassen aan onbekende omgevingsfactoren. Project Adam is een samenwerking van Remmert met de Universiteit van Hamburg.

 

Material handling

Remmert GmbH richt zich op material handling in de metaalverwerkende industrie en de staal- en metaalhandel. Het technologiebedrijf is specialist in intelligente automatiserings- en intralogistiekoplossingen en in systemen voor de opslag van langgoederen en plaatwerk.


Quickscan bouwlogistiek laat zien hoe groot de materiaalstromen zijn

Lang niet iedereen heeft op zijn netvlies dat bouwlogistiek één van de grootste logistieke stromen is in Nederland. Bouwen gebeurt bovendien vaak midden in de stad, wat overlast en uitstoot veroorzaakt. Het op gang houden van de bouwproductie in Nederland is van het grootste belang, daar is iedereen het over eens. Slimme en uitstootarme bouwlogistiek is een van oplossingen om ondanks alle beperkingen door te gaan met de bouw.

Het is belangrijk om alle projecten op dat gebied te baseren op een goede analyse van de omvang van de stromen, de gebruikte modaliteiten, de uitstoot van die stromen, en de herkomst en bestemming van de materialen. In opdracht van de Topsector Logistiek heeft Buck Consultants International deze analyse uitgevoerd.

 

Veel bouwmaterialen over korte afstand over de weg

Bouwlogistiek vindt voornamelijk plaats over de weg. Circa 70% van de bouwlogistieke volumes gaan via wegverkeer, dit bedraagt 152 miljoen ton. Het vervoer van overige bouwmaterialen en -producten (o.a. prefab betonelementen en stortklaar beton) is in termen van afstand de grootste stroom en qua volume de tweede stroom. Dit vervoer is tevens verantwoordelijk voor 42% in de CO2-uitstoot bij wegverkeer. Verder wordt duidelijk dat een fors deel van deze ritten over de weg (40%) over korte afstand of zelfs binnen één gemeente plaatsvindt. 

 

Dit biedt mogelijkheden, bijvoorbeeld door het inzetten van bouwhubs. Inmiddels is ervaring opgedaan met de inzet van bouwhubs op strategische plekken, zoals aan de rand van steden. Met een bouwhub kunnen meerdere bouwmaterialen tegelijkertijd in één vrachtwagen aangevoerd en op een verzamelplaats (hub) gestald worden. Vanuit de bouwhub worden de bouwmaterialen die nodig zijn voor een specifiek project verder vervoerd met energiezuinigere wagens. In o.a. Utrecht, Amsterdam en Zwolle lopen dergelijke initiatieven. Onderzoek laat zien dat inzet van een bouwhub het aantal binnenstedelijke ritten van en naar de bouwplaats met 50 tot 80% terug kan brengen. 

 

Meerdere onderzoeken

Niet alleen de logistieke stromen in de bouw zorgen voor de uitstoot van CO2, maar mobiele werktuigen bijvoorbeeld ook. De uitstoot van deze mobiele werktuigen valt volgens het Klimaatakkoord eveneens onder de uitstoot van logistiek. Daarom is recent ook een onderzoek uitgevoerd naar de haalbaarheid van elektrificatie van zware bouwmachines. Topsector Logistiek voert deze onderzoeken uit om inzicht te geven in de kansen om logistiek op verschillende fronten te optimaliseren.

 

De inzichten uit deze quickscan en andere onderzoeken kunnen lokale en regionale overheden helpen bij gefundeerde beleidsontwikkeling op het gebied van bouwlogistiek. Niet alleen overheden hebben baat bij deze inzichten, ook bedrijven in de bouw kunnen deze informatie gebruiken voor het optimaliseren van hun bedrijfsvoering.

 

QUICKSCAN


Delta wil vijf duurzame mega-distributiecentra realiseren in Hellevoetsluis

De gemeente Hellevoetsluis heeft met ontwikkelaar Delta Development Group een overeenkomst gesloten voor de aankoop van 140.000 vierkante meter grond op bedrijventerrein Kickersbloem 3. Delta wil op dit bedrijventerrein vijf (duurzame) distributiecentra laten bouwen.

 

De 14 hectare grond wordt met erfpacht gekocht van de gemeente Hellevoetsluis (Voorne-Putten). Delta gebruikt de grond voor de ontwikkeling van Rotterdam Logistics Park, dat zal bestaan uit vijf distributiecentra geschikt voor de vestiging van producenten en logistiek dienstverleners.

Het nieuwe bedrijventerrein, onder de rook van de haven van Rotterdam, wordt ontwikkeld volgens het zogeheten Next Generations Logistics concept van Delta. Daarin, zo meldt de ontwikkelaar, worden functionaliteit, mensgericht design, hoogwaardige technologie en circulariteit op zo’n manier geïntegreerd dat de distributiecentra voldoen aan de hoogste eisen op het gebied van exploitatie, productiviteit en duurzaamheid.

 

Groen binnen panden

Voor bedrijventerrein Kickersbloem 3 geldt een zogeheten ecologische gebiedsaanpak met groene ruimtes en waterpartijen. Distributiecentra op dit terrein worden gebouwd met materialen en designed for disasembly waardoor ze circulair zijn. Ook komt er veel groen binnen de panden.

 

Panden zijn energieneutraal

De vijf distributiecentra, die Delta samen met het European Logistics Real Estate Partners (ELREP) ontwikkelt, maken uitsluitend gebruik van de hernieuwbare energie die op de daken wordt opgewekt. Dit zorgt ervoor dat de panden energieneutraal zijn. Het bedrijventerrein wordt daarom ook niet meer aan gesloten op het gasnet. Delta heeft al een ruime staat van dienst op het gebied van logistiek vastgoed ontwikkeling met als aansprekende voorbeelden Fokker Logistics Park en Schiphol Trade Park.

 

Strategische locatie in regio Rotterdam

Coert Zachariasse, ceo van Delta Development Group, laat weten dat Kickersbloem 3 een strategisch interessant gelegen locatie is in de regio Rotterdam die via een nieuwe brug en de N57 direct is aangesloten op de A15. “De gemeente biedt ons hiermee de gelegenheid om onze ruime ervaring op het gebied van duurzame, gezonde en groene gebouwen toe te passen.” Bedrijventerrein Kickersbloem 3 is een van de weinige locaties in de nabijheid van de Rotterdamse haven, waar niet watergebonden logistieke bedrijven zich nog kunnen vestigen. De meeste bedrijventerreinen in de Rotterdamse regio zijn vol of richten zich op een ander type bedrijvigheid.


Rien Voets uitgeroepen tot recycling hero 2020

Zwerfafvalpakker Rien Voets uit Berlicum is uitgeroepen tot Recycling Hero 2020. De prijs is een initiatief van de Vereniging Afvalbedrijven en de winnaar werd vandaag, op Global Recycling Day, bekendgemaakt. Er waren in totaal vijf genomineerden die zich inzetten voor recycling. Het Nederlandse publiek mocht de afgelopen weken stemmen en koos Rien Voets. Vanwege het coronaviris kon de geplande uitreiking door minister Stientje van Veldhoven helaas niet doorgaan. Dit zal in het najaar alsnog plaatshebben.

 

De heldenverkiezing is gekoppeld aan de Global Recycling Day. Het thema van dit jaar was ‘Recycling Heroes’. Wereldwijd worden deze dag helden geëerd, groot of klein, die zich bezighouden met recycling. De Vereniging Afvalbedrijven, de brancheorganisatie van afvalrecyclers en -verwerkers, heeft ervoor gekozen om individuele Nederlandse helden en burgerinitiatieven die bijdragen aan meer recycling in het zonnetje zetten.

Symbool voor heel andere helden in het land

Afvalverwerkingsbedrijf Attero, actief in heel Nederland, nomineerde Rien Voets omdat hij symbool staat voor heel veel mensen die iedere dag vrijwillig bijdragen aan een schone leefomgeving. De gepassioneerde Brabander is sinds zijn pensioen elke dag op pad om zwerfvuil op te ruimen. Als zwerfafvalpakker rijdt hij met zijn fiets met aanhanger dagelijks door zijn dorp.

 

Filmpjes van de winnaar en alle andere genomineerden

De andere genomineerden zijn Bas Timmer van Sheltersuit uit Enschede, een stichting die jassen maakt voor mensen die op straat leven, Ekko Vermeulen van Stichting Zaanse Pakhuizen in Koog aan de Zaan die Zaans erfgoed compleet recyclet, Nikkie Elfers die vrijwillig afvalcoach is in Haarlemmermeer en Elif Algu van Recycle Sint, een burgerinitiatief op vrijwillige basis ruilmarkten opzet om speelgoed te ruilen. Van winnaar Rien Voets en ook van alle andere genomineerden zijn filmpjes gemaakt. Deze zijn te bekijken op www.recyclingheroes.nl


Bedrijfsleven presenteert visie op handel en logistiek in 2040

Met een gezamenlijk programma wil het bedrijfsleven het hele logistieke systeem extra competitief, duurzaam en veilig maken. In totaal 19 vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, waaronder onze vereniging, ondertekende donderdag de ‘Visie Handel en Logistiek in 2040’.

 

Een veranderende wereld vraagt om een gezamenlijke aanpak. Bedrijven willen graag internationaal concurrerend blijven en tegelijkertijd bijdragen aan een nog sterker en leefbaar Nederland. Met het ondertekenen van de visie bundelen handels- en productiebedrijven hun krachten met de vertegenwoordigers uit de logistiek om het logistieke systeem in Nederland klaar te stomen voor de toekomst.

Minder uitstoot

De ‘Visie Handel en Logistiek in 2040’ gaat voor het bedrijfsleven als uitgangspunt dienen voor gesprekken met het kabinet over de goederenvervoeragenda, arbeidsmarktbeleid en het topsectorenbeleid. Zo streven de ondernemers er samen naar dat de uitstoot van zowel het vervoer over de weg als over water flink wordt gereduceerd. Daarnaast moet in 2040 al het vervoer over korte afstanden via de weg en het binnenwater emissievrij zijn. Ook gaan de bedrijven samen werken aan een sterke veiligheidscultuur in de keten en hebben zij afgesproken dat duurzame inzetbaarheid van personeel in de logistiek de norm wordt.

 

“De bij ons aangesloten handels- en productiebedrijven zijn afhankelijk van tijdige en betaalbare levering van hun goederen bij andere bedrijven en consumenten”, aldus onze algemeen directeur Machiel van der Kuijl. “Om internationaal te overleven en Nederland met draagvlak welvarend te houden, moeten we de handen met de logistieke sector ineenslaan en het systeem toekomstbestendig maken.”

 

Sterk systeem

TLN-directeur Jan Boeve sluit zich daar bij aan. “Wij als wegvervoerders, samen met zeevaart, binnenvaart, expediteurs, cargadoors, stuwadoors, spooroperators en de luchtvrachtsector. Samen zorgen we ervoor dat het logistieke systeem de economie in ons land ook in 2040 nog steeds volop draaiende houdt. Met wereldklasse mainports, een ijzersterke infrastructuur en schone en veilige voertuigen.”

 

Een sterk logistiek systeem is volgens VNO-NCW voorzitter Hans de Boer belangrijk voor de welvaart en het welzijn. “Ons logistieke systeem is feitelijke de bloedsomloop van de economie en van veel kleine en grote bedrijven. We moeten daarbij blijven bouwen aan een sterk competitief maar veel ook duurzamer en innovatiever logistiek systeem en aan maatschappelijk draagvlak.” Jacco Vonhof, voorzitter van MKB-Nederland, ziet daarbij een rol weggelegd voor alle bedrijven. “Van de éénpitters tot de grotere mkb-bedrijven. Allemaal zetten we de schouders onder een slimmer en duurzamer toekomst.”

 

Achterland

In de Rotterdamse haven komen zo’n beetje alle vormen van logistiek samen. “Hier krijgt ons nationale logistiek systeem echt een gezicht”, aldus de COO van het havenbedrijf Ronald Paul. “Iedereen snapt ook het belang van de haven voor Nederland. Maar we maken deze haven dus niet alleen. Alleen door fantastisch werk van logistiek dienstverleners in het achterland en vanaf de zeezijde, gecombineerd met een kwalitatief hoogwaardige spoor-, water en weginfrastructuur kunnen we in Rotterdam floreren. En dat moeten we zo houden.”

 

Met dank aan Evofenedex

 


Onderhoud ontmoet Service Logistiek

In Nederland zijn rond de 300.000 medewerkers werkzaam in het onderhoud verspreid over de sectoren Food, Beverage & Farma, Manufacturing, Fleet, Procesindustrie, Infrastructuur en Onroerend Goed. De Nederlandse onderhoudsmarkt is een markt met een grootte van €31-36 miljard, wat grofweg 5% van het BBP is. De rol van onderhoud in het operationele proces is cruciaal. Zonder het juiste onderhoud, hebben assets grotere kans op downtime wat de operatie kan verstoren. Andersom geldt ook dat onderhoud afhankelijk is van diverse operationele processen (logistieke handelingen, onderhoudsschema’s, beschikbaarheid van materialen, etc.). In dit visiedocument beschrijven we hoe service logistiek bij kan dragen aan het realiseren van beter onderhoud in de keten.

 

Definitie

Service logistiek is een term die vele interpretaties kent. Zo wordt het door de een gezien als voornamelijk het managen van spare parts en door de ander als enkel het transporteren van goederen. Daarnaast zien we dat bedrijven veelal in silo’s zijn ingericht, die wellicht wel contact hebben met elkaar, maar beperkt gezamenlijk optrekken. De verschillende silo’s hebben allemaal eigen onafhankelijke verantwoordelijkheden (bijvoorbeeld onderhoud, logistieke handelingen, resource management, operatie, etc.) en dit leidt ertoe dat ‘men beperkt bij elkaar over de schutting kijkt’. De aparte afdelingen hebben ieder hun eigen doelstellingen die niet altijd even goed ‘aligned zijn’. Zo wordt de onderhoudsafdeling afgerekend op kosten en beschikbaarheid, de operatie op aantal ontwikkelde producten en het voorraadmagazijn op de hoogte van de aanwezige voorraad.

 

Er wordt maar beperkt over de gehele operationele keten vastgesteld hoe elk bedrijfsonderdeel bijdraagt aan de overkoepelende doelstellingen van het bedrijf. Want zou het niet beter zijn als bedrijven in staat zijn om bijvoorbeeld vast te stellen: in welke assets moet ik nu investeren, zodat ik daarmee de output van de operatie, en daarmee omzet en winst, maximaliseer? Of bijvoorbeeld: met welk minimaal voorraadniveau ben ik in staat de uptime te garanderen waarmee ik de output/winst van de operatie maximaliseer? In dit document beschrijven we een visie over hoe al deze operationele activiteiten in te richten, zodat dit bijdraagt aan het realiseren van de overkoepelende doelstellingen van het bedrijf, en in het bijzonder onderhoud in z’n kracht zet.

 

Lees verder in de bijlage

Download
20171206 Onderhoud ontmoet Service logis
Adobe Acrobat document 697.6 KB